Een huurauto is op Kaapverdië geen vanzelfsprekendheid. Op Sal en Boa Vista, waar de meeste vakantiegangers zitten, kom je met excursies en taxi’s een heel eind. Maar wil je op eigen houtje het binnenland in of een dorp bezoeken waar geen tour langskomt, dan is een auto handig. Op deze pagina staat wat je nodig hebt en waar je rekening mee moet houden.
KAAPVERDIË: AUTOHUUR
Wat je nodig hebt
Je rijdt op Kaapverdië rechts, net als in Nederland en België. Volgens het Nederlandse reisadvies is je gewone rijbewijs in Kaapverdië geldig. De Kaapverdische toeristische dienst voegt daaraan toe dat een buitenlands rijbewijs zes maanden geldig is en dat een internationaal rijbewijs wordt aangeraden als je rijbewijs niet in het Portugees is gesteld. Verplicht is het niet, maar het scheelt uitleg bij een controle.
Verder heb je nodig: een paspoort, je boekingsbevestiging en een creditcard voor de borg. De minimumleeftijd is 21 jaar; ben je jonger dan 25, dan rekenen veel verhuurders een toeslag.
Verkeersregels
Binnen de bebouwde kom geldt een maximumsnelheid van 50 kilometer per uur. Voor buiten de bebouwde kom noemen bronnen zowel 80 als 90 kilometer per uur, dus houd vooral de borden aan. De gordel is verplicht voor de bestuurder en de voorpassagier. Tanken doe je bij Shell of Enacol; daar kun je zowel contant als met creditcard betalen.
De staat van de wegen
De hoofdwegen tussen de grotere plaatsen en de luchthavens zijn verhard. Daarnaast rijd je op Kaapverdië veel over kasseien, de zogenoemde calçada, en over onverharde stukken. Zodra je van de hoofdweg afgaat wordt het wegdek slechter, en op een eiland als Santo Antão zijn de secundaire wegen grotendeels onverhard.
Op Boa Vista is dat het duidelijkst. Een groot deel van het eiland is alleen te bereiken over zandpistes. Voor plekken als Praia de Santa Mónica, het wrak van de Cabo Santa Maria en de duinen van Viana heb je een terreinwagen nodig, of je gaat mee met een georganiseerde tocht. Ga daar niet met een gewone personenauto naartoe. Hoe die tochten eruitzien lees je bij excursies op Kaapverdië.
Wat het kost
Reken voor een kleine auto op ongeveer zeventig tot negentig euro per dag, inclusief verzekering. Een terreinwagen ligt daar duidelijk boven. Dat is voor West-Afrikaanse begrippen fors, maar het eilandverkeer en de beperkte concurrentie drijven de prijzen op. Verhuur is beschikbaar op Sal, Boa Vista, Santiago en São Vicente; op de kleinere eilanden is het aanbod mager tot afwezig.
Huur je voor één dag een auto om het eiland rond te rijden, vergelijk dan even met de prijs van een taxi voor een hele dag. Dat laatste kost vaak minder en je hebt er meteen iemand bij die de weg weet.
Verder lezen
Geen zin om zelf te rijden? Kijk dan bij vervoer tussen de eilanden voor de aluguers, veerboten en taxi’s. In onze reisgids staat meer over vervoer in en naar Kaapverdië.
